Hoe ziet zingen er van binnen uit? De MRI laat het zien!

Het grootste gedeelte van wat je bij het zingen doet, kan je niet zien. Bij het leren zingen moet je er stapje voor stapje achter komen wat je hoort te voelen en horen terwijl je klanken maakt. Als je kleine dingen verandert, kan de klank die je maakt al heel erg anders zijn. Langzaam leer je de verschillende spieren die bij het zingen betrokken zijn controleren en leer je een houding aan die daarbij het beste werkt. Maar wat er allemaal precies in je lichaam gebeurt, kan je docent niet aan je laten zien.

Op het conservatorium kregen we anatomielessen en daarbij kregen we veel plaatjes te zien van het strottenhoofd (larynx) met daarin de stembanden, de keel, de holtes in je hoofd en de spieren die bij het maken van de klank betrokken zijn. Ook leerden we over de klinkers en medeklinkers en hoe ze gevormd worden. Het is niet altijd heel beeldend en je ziet ook niet in actie wat er nu precies plaatsvindt als je bijvoorbeeld een hoge a heel goed en mooi zingt.

Spreken in de MRI scanner

Maar met moderne techniek komen we toch opeens een heel eind. Bij toeval stuitte ik onlangs op een interessant filmpje van de Max Planck Society. Hierin zie je iemand spreken die in een MRI-scanner ligt. Het geluid is wat vervelend door het lawaai van de scanner, maar wat je kunt zien is heel boeiend. Je kan bij het spreken de stand van de tong en het zachte gehemelte zien (wat eruit ziet als een klepje dat de neusholte afsluit) bij de verschillende klinkers (vocalen) en medeklinkers (consonanten).

Bij elke klinker heeft de tong een andere plek in de mond. Bij de aa is de tong het meeste achterin, en zit de ruimte voorin de mond. Bij de ie is de tong het meest voorin, en is de ruimte achterin de mond het grootst. Bij de oo en oe komt de tong los van de voortanden. Bij de medeklinkers blijft de tong tegen de voortanden, boven of onder.

Opera zingen in de MRI scanner

Zingen lijkt veel op spreken, maar toch doen zangers bewust dingen anders met bijvoorbeeld de stand van de tong om de resonans in stand te houden en een mooie klank te maken. Dat zal er dus ook anders uitzien van binnen. Ik zocht naar meer filmpjes en er bleken ook klassieke zangers in de MRI gestopt te zijn.

Wat me vooral opvalt is dat de stand van de tong bij de oo en oe minder in het midden van de mond is zoals bij het spreken. De zanger houdt deze bewust lager om de ruimte voor de resonans in stand te houden. Wel zie je net als bij het spreken het verschil tussen de tong in de aa- (ruimte voorin) en de ie-klank (ruimte achterin).

Andere zangstijlen

Niet alleen operazang is in de MRI opgenomen, maar de volgende zanger vergelijkt in vier verschillende zangstijlen de stand van de tong en strottenhoofd met elkaar.

Je kan heel mooi zien dat de klankkleur volledig afhankelijk is van de tongstand en hoe hoog of laag het strottenhoofd wordt gehouden. Bij de operaklank is de mond verder open, het strottenhoofd laag en is er veel ruimte in keel en mond. Bij rockzang is het strottenhoofd veel hoger en maakt de tong een hogere boog waardoor de klank scherper klinkt en minder rond dan bij zijn zang in operastijl.

De adem in actie

Wat ik verder nog ontdekte: een filmpje waarin je ziet hoe de adem in rust eruit ziet. Het middenrif komt bij het uitademen hoger dan ik altijd dacht. Je ziet ook goed waarom de buik uitzet bij een diepe inademing. De longen vullen zich met lucht, de borstkas zet uit en het middenrif daalt waardoor de organen naar beneden worden gedrukt.

Boventoonzingen

Tenslotte nog een curiositeit: meerstemmig boventoonzingen. Je hoort een lied van Mozart door één persoon meerstemmig gezongen.

Het is duidelijk dat bij boventoonzingen de tong een geheel andere positie heeft dan in alle andere zangstijlen. De tongpunt is tegen het gehemelte geplaatst. Dat zul je bij ‘normaal’ zingen niet zien.

Wat heb je hier nu aan voor het leren zingen?

Deze filmpjes illustreren mooi hoe de plaatsing van de tong, het gehemelte, de lippen en het strottenhoofd van invloed zijn op de klank. Toch zul je hier misschien niet veel aan hebben als je leert zingen. Dan komt het er vooral op aan te voelen wat je docent probeert over te brengen en stapje voor stapje de goede dingen aan te leren en de minder handige gewoontes af te leren. Maar wie weet helpt het materiaal uit de MRI wel een beetje om een beeld te hebben bij wat je nu eigenlijk aan het leren bent.